‘Een beetje avonturieren past mij het beste’

Dit interview is overgenomen van Boerenbusiness en geschreven door Eric de Lijster.

Frank Ypma, melkveehouder in Oudega (Súdwest-Fryslân), kent zijn kwaliteiten als ondernemer. Daarom kiest hij ervoor om zijn bedrijf met 92 melkkoeien te optimaliseren in plaats van uit te breiden. En experimenteert Ypma erop los met onder meer natuurinclusieve landbouw en het sturen van de melkkwaliteit op samenstelling en smaak. “Een beetje avonturieren op mijn bedrijf, dat mag ik graag doen.”

Gras en melkveehouderijen domineren het gebied waar Frank en Sieta Ypma in Oudega, een dorp gelegen in zo’n beetje het hart van de gemeente Súdwest-Fryslân, hun melkveebedrijf runnen. Wat daarbij opvalt, zeker in vergelijk met buurprovincie Flevoland: windmolens zijn er een zeldzaamheid. Behalve op het erf van Ypma, waar een molen met twee rotorbladen draait. “Goed voor een 140.000 kwh per jaar”, zegt de melkveehouder, gezeten aan de tafel in zijn huis. “Ook hebben we zonnepanelen op het dak van onze stal die zo’n 100.000 kwh opbrengen. Daardoor gebruiken we op ons bedrijf geen gas meer en zijn we energieneutraal.”

Frank is de derde generatie van de familie Ypma die boert op zijn bedrijf. Zijn grootouders zijn in 1946 op de boerderij gekomen, in 2009 namen Frank en Sieta het stokje van zijn ouders over. Een bord bij de deur naar de melkstal vertelt in het kort de geschiedenis van het bedrijf. Voorbijgangers kunnen hier via een trap naar de strozolder lopen, waar ze een mooi overzicht hebben over de ligboxenstal. Niet dat daar veel gebruik van wordt gemaakt, geeft Ypma aan. “Maar we vinden het belangrijk ons bedrijf open te stellen voor iedereen die een kijkje wil nemen.”

Bedrijfsgegevens
Frank en Sieta Ypma runnen in Oudega (Súdwest-Fryslân) een bedrijf met 92 melkkoeien en 40 stuks jongvee. Rondom de boerderij heeft Ypma 51 hectare grasland en 19 ha op afstand (12 ha Fryske Gea), waarvan 56 ha in eigendom en het overige land gehuurd. De melkveehouder levert de melk via FrieslandCampina aan De Fryske, een Friese producent van streekkazen. De bedrijfsvoering van Ypma is 20% natuurinclusief. Het bedrijf heeft een windmolen, zonnepanelen en een zichtstal. Frank en Sieta hebben 3 kinderen: Hannah, Maarten en Sipke.

Hard buffelen
De timing van de overname was ongelukkig, zegt Ypma nu opgeruimd. Met een lage melkprijs als uitdaging moesten hij en zijn vrouw stevig de schouders eronder zetten om de onderneming financieel gezond te houden. In die periode koos Ypma ook bewust om te specialiseren en te optimaliseren, om zo de kosten te drukken. “We gingen alles zo veel als mogelijk zelf doen, bijvoorbeeld klauw bekappen. Het was hard buffelen, maar door efficiënt te werken konden we door.”

In 2015 is er een nieuwe ligboxenstal gebouwd op de oude onderbouw, waarbij er 60 extra boxen bijkwamen. Het doel was niet om te groeien, maar om die dieren een lichte, goed geventileerde stal te geven. De oude stal, in 1972 gebouwd door zijn vader, had een laag dak en was daardoor compact en donker. De nieuwe stal had direct zijn uitwerking op de diergezondheid en productie. “In het eerste jaar van de nieuwe stal gaven de koeien gemiddeld al 1.000 liter melk meer”, zegt Ypma. Door de drogere klauwen is mortellaro een minder groot probleem geworden. “Ook problemen met bijvoorbeeld kalveren met longontsteking, wat in de oude open frontstal wel voorkwam, zijn verleden tijd sinds de aanschaf van grote iglo veranda’s.”

Fosfaatrechten bijkopen
De hogere melkproductie had wel een nadelig bijwerking: Ypma kwam ermee in de knoei met de fosfaatrechten. Doordat het kabinet de peildatum had geprikt op 2 juli 2015, moest Ypma fosfaatrechten bijkopen. “Dat was flink balen ja”, blikt hij terug. “Maar te overzien. Aan de andere kant waren de vergunningen, inclusief de NB, allemaal binnen 6 weken binnen. Door de crisis in de bouwsector vielen de bouwkosten bovendien lager uit dan nu.”

Toch dreigt een financiële domper. De stal is gebouwd voor 150 melkkoeien en 80 stuks jongvee. De melkveehouder houdt echter 92 melkkoeien en 40 stuks jongvee. Dit kan betekenen dat in de huidige stikstofdiscussie de latente ruimte op zijn bedrijf in gevaar komt. “Dat zal toch niet zeker?”, stelt Ypma zichzelf de vraag. Om vervolgens te reageren: “Die ruimte hoort bij ons bedrijf en daar zijn de stallen ook op gebouwd. Een mogelijke opvolger van mij moet wel de ruimte krijgen om te kunnen groeien.”

Geen manager, maar vakman
Zelf heeft Ypma totaal geen behoefte om de stalcapaciteit volledig te benutten. Daarvoor kent hij zichzelf als ondernemer te goed. “Met 150 dieren heb je personeel nodig. Maar ik ben geen manager. Ik ben een vakman, wordt er gelukkig van om zelf de mouwen op te stropen en dingen uit te proberen. Mijn vrouw werkt daarbij ook 3,5 dag in een ziekenhuis en we hebben 3 jonge kinderen. Dan is het huidige aantal koeien echt mijn max.”

Het geeft hem ook de ruimte om te experimenteren met natuurinclusieve landbouw. Daar heeft hij met 70 hectare grasland ook het bedrijf voor, benadrukt Ypma. “Mij past het goed, maar ik heb respect en begrip voor melkveebedrijven die door hun omstandigheden andere keuzes maken. Dat wil ik echt gezegd hebben.” Pionieren in de zoektocht naar een maximale combinatie tussen boeren en natuur, ligt Ypma.  Wel met behoud van vrijheid, benadrukt de melkveehouder.

Tussen gangbaar en biologisch in
Hij ziet zichzelf bijvoorbeeld geen biologisch melkveebedrijf worden. “Ik zit nu mooi tussen gangbaar en biologisch in. Deze flexibliteit werkt perfect.” Op zijn bedrijf zit Ypma nu op 20% natuurinclusief. Zo voert hij actief weidevogelbeheer, onder meer met de aanleg van plasdras, strip grazen en het maaien in etappes. Ook geeft de melkveehouder de dieren zo veel als mogelijk uit de kruidenrijke graskuil, eventueel aangevuld met hooi. “Alle dieren krijgen perspulp, alleen nieuwmelkte koeien kunnen extra krijgen in de voerbox.”

Ook doet hij mee aan onderzoeken, bijvoorbeeld naar de hoeveelheid wormen in het grasland. Ypma is een voorstander van het bovengronds uitrijden van de mest, waarbij kunstmest niet meer of minder nodig is. “Mestinjectie lijkt een aanslag te zijn op het bodemleven. Wat voor effect heeft het snijden van het grasland op de regenwormen? Onderzoek hiernaar levert veel informatie op waarmee we wat kunnen. We weten daar echt nog zo weinig van.”

Smaakvolle streekkaas
Ypma levert de melk via FrieslandCampina aan De Fryske, zuivelbedrijf van ondernemer Catharinus Wierda. De Fryske maakt van de melk van 5 Friese melkveebedrijven diverse soorten ambachtelijke streekkaas. Door te voldoen aan de wensen die de kaasmaker stelt qua voersamenstelling (Ypma is bijvoorbeeld VLOG-gecertificeerd) en natuurinclusieve productie van de melk, krijgt de melkveehouder een toeslag op de melkprijs van €2 per 100 kilo.

Onlangs is, mede op initiatief van De Fryske, een nieuw project gestart: Melklab 2.0. Hier wordt op een twintigtal melkveebedrijven getest hoe kruidenrijk gras van invloed is op de smaak en de samenstelling van de melk. Vloeit hier een betere kwaliteit  uit voort van een betere smaak, dan kunnen de melkveehouders deze meerwaarde verzilveren in een betere melkprijs. Ook Ypma doet hier aan mee. “Daar leer je ook weer van. Ik doe nu al mijn ronde balen uit de eerste 3 snedes ook mixen om de samenstelling van het ruwvoer zo gelijkmatig als mogelijk te houden. En daarmee hou je ook de samenstelling van de melk stabiel.“

Laat de koe, de koe zijn
Ypma koestert de balans tussen natuur en bedrijf. Het credo ‘laat de koe, de koe zijn’ ligt hem na aan het hart. Vanuit dat oogpunt begrijpt hij beslissingen soms niet. “Neem nu het feit dat het kabinet aan de ene kant natuurinclusieve landbouw promoot, maar aan de andere kant wil dat de koe straks aangepast voer krijgt voor minder stikstofuitstoot. Dat vind ik niet met elkaar rijmen.”

Ook komt de natuurinclusieve melkveehouder niet in aanmerking voor het PlanetProof-label van FrieslandCampina. “Daarvoor deugt mijn CO2-footprint kennelijk niet, waarschijnlijk doordat we veel gras, kuil en natuurhooi voeren, waardoor de RE/Kvem-verhouding niet goed is. Hierdoor is het eiwitgehalte in het rantsoen te hoog”, legt Ypma uit. “Terwijl ikzelf toch het idee heb leuk met de natuur bezig te zijn.”

 

* Klik op de pompleblêden om meer foto’s te bekijken

Dit artikel delen via:
FacebookLinkedInTwitter